Zoeken:

Noorderlicht fotograferen? Zo doe je dat!

Het noorderlicht fotograferen kan een hele uitdaging zijn. Je moet op de juiste locatie zijn, goed weten welke camera instellingen je moet gebruiken en onder druk kunnen presteren. Want in een oogwenk kan het noorderlicht alweer verdwenen zijn. Tijdens mijn reis door Fins-Lapland in september, had ik behoorlijk veel geluk en zag ik het noorderlicht maar liefst twee keer. Toen ik de eerste avond hoorde dat het noorderlicht te zien was, rende ik in mijn pyjama naar buiten. Het was inmiddels al 2 uur ‘s nachts en gelukkig lag mijn camera voor het grijpen en had ik net alle batterijen opgeladen.

 

Op zo’n cruciaal moment moet je precies weten wat je moet doen om het noorderlicht zo mooi mogelijk te fotograferen. Mijn werk bestaat voor een groot deel uit reisfotografie, ik heb gestudeerd aan de Fotovakschool, een tijdje voor Zoom Magazine geschreven en ik beheer ook de site Fotograferenopreis.nl. We kunnen dus wel stellen dat ik inmiddels weet hoe mijn DSLR camera werkt. Maar hoe ervaren je ook bent, het noorderlicht fotografeer je niet iedere dag en in dit geval moest ik in het pikdonker mijn camera instellen. Zeker een uitdaging, maar met onderstaande tips kun jij het ook! Gelijk aan de slag? Onderaan dit artikel vind je een handige checklist voor snel resultaat.

 

Noorderlicht fotograferen? Dit moet je weten!

Veel mensen denken dat je alleen in de winter het noorderlicht kunt fotograferen. Dit is echter een fabeltje. Je hoeft helemaal niet een hele nacht in de vrieskou door te brengen om het noorderlicht zien. Ook zonder bevroren vingers kun je het noorderlicht fotograferen. Sterker nog, ik deed het gewoon begin september op teenslippers op een strandje in Posio (Fins-Lapland). Het noorderlicht is namelijk geregeld aanwezig, maar alleen te zien als het donker is. En vanaf half augustus is het boven de poolcirkel al donker genoeg om het waar te nemen. Ze verwachten dit jaar zelfs een piek op 23 september. Die datum wordt samen met 23 december 2018 genoemd als meest gunstig voor het spotten van het noorderlicht.

 

Liever in de winter fotograferen? Zorg dan dat je heel goed aangekleed bent en houd jezelf warm door af en toe even naar binnen te gaan.

 

Diafragma: f5.6 / Sluitertijd: 20″ / ISO 1600 (in combinatie met een zaklamp)

 

Wat is de beste tijd om het noorderlicht te fotograferen?

Ieder seizoen heeft zo zijn voor- en nadelen. Het winterseizoen heeft iets magisch en rond de feestdagen het noorderlicht zien is natuurlijk heel speciaal. Daar kan geen vuurwerkshow tegenop. Feit blijft wel dat het dan extreem koud kan worden boven de poolcirkel en dat je het vaak niet zo lang volhoudt buiten. Accu’s lopen sneller leeg, je lens bevriest en je krijgt te maken met condensvorming. Ik vond het dan ook heel fijn dat ik al in september tijdens de Ruska (herfst) periode het eerste noorderlicht in Fins-Lapland kon fotograferen. Bijkomend voordeel: de meren zijn dan nog niet bevroren en werken als een spiegel voor het noorderlicht. Eigenlijk zie je dus twee keer het noorderlicht!

 

Wat is de beste plek voor noorderlicht fotografie?

Populaire plekken om het noorderlicht te zien zijn; Lapland, IJsland, Spitsbergen en Noord-Canada. Zelf zag ik het twee avonden lang in Fins-Lapland. In de dorpjes Posio en Salla om precies te zijn. Sommige mensen reizen jarenlang tevergeefs af naar het noorden om het noorderlicht te zien, andere hebben geluk en zien het meerdere keren tijdens hun reis.

 

Het belangrijkste is dat je je op een plek bevindt waar weinig luchtvervuiling is. Een open plek waar het dus goed donker is en waar je ver van je af kunt kijken. Aan de rand van een meer, een park of weiland bijvoorbeeld. Je weet het echter nooit zeker en geduld is een schone zaak. Ook als er maar een kleine kans is op noorderlicht, loont het om tijdens heldere nachten buiten te kijken. Tijdens mijn reis door Fins-Lapland gaf de Aurora Now app aan dat er slechts 11% kans was om het noorderlicht waar te nemen. Zoals jullie op de foto’s kunnen zien was het noorderlicht echter in volle glorie voor mijn deur te zien.

 

De Aurora Now app gaf ons een slagingskans van 11%

 

Wat heb je nodig om het noorderlicht te fotograferen?

De volgende camera spullen kun je het beste mee nemen als je het noorderlicht wilt fotograferen:

 

Camera

Om het noorderlicht goed te kunnen fotograferen heb je een camera nodig waarbij je de diafragma, sluitertijd en ISO waarde handmatig in kunt stellen. Een camera met een M (manuele) modus dus. Dit kan uiteraard met een spiegelreflexcamera, maar tegenwoordig kan het ook met een hoop systeem- en compactcamera’s.

 

Objectief

Wanneer je het noorderlicht wilt fotograferen kun je het beste een lichtsterke groothoeklens gebruiken. In de basis blijft het gewoon natuur- en nachtfotografie en daarvoor zijn groothoeklenzen tot 35mm uitermate geschikt. Je krijgt hiermee veel van de omgeving en de sterrenhemel op beeld en afhankelijk van het perspectief worden de foto’s vaak ook iets dramatischer. Het noorderlicht blijft natuurlijk niet op een plek hangen, dus met een groothoeklens speel je meer op safe.

 

In principe kun je iedere lens gebruiken. Van een 24-105mm lens tot een 10-20mm lens. Hoe kleiner het getal echter is, hoe meer je op beeld krijgt. Lager dan 10mm wil je eigenlijk niet gaan want dan spreek je al bijna van een fish-eye lens en dat levert veel vertekeningen op. Neem dus een groothoeklens (van 10 tot 35mm) mee en kies bij voorkeur voor een objectief met een vast brandpunt; oftewel een prime lens. Objectieven met een vast brandpunt zijn vaak wat prijziger maar staan bekend om hun scherpte en lichtsterkte. Je kunt dan niet meer zoomen, maar voor het fotograferen van het noorderlicht hoeft dat ook niet.

 

Maak je lens van tevoren goed schoon en check of er in de winter geen ijs of condens op zit. Bij lange sluitertijden zie je namelijk ieder stofdeeltje of ijsvlokje zitten. Check voor vertrek ook of er geen stof op je sensor zit en laat dit bij zichtbare problemen reinigen door een specialist.

 

Batterijen (extra accu’s)

Bereid je er op voor dat je een hoop foto’s gaat maken met langere sluitertijden. Neem dus genoeg accu’s mee. Zeker in de winter lopen ze sneller leeg door de kou. Dit proces kun je iets vertragen door de extra accu’s dicht tegen je lijf te houden in je binnenzak. Zo blijven ze wat warmer.

 


Geheugenkaart

Je kunt nooit genoeg foto’s van het noorderlicht maken. Neem dus genoeg geheugenkaartjes mee. Zelfs als je een groot kaartje van bijvoorbeeld 64GB hebt kan het handig zijn om een extra kaartje mee te nemen. Mocht je dan toevallig een kaartfout krijgen, dan heb je in ieder geval nog een back-up plan. Zorg er ook voor dat het een snel kaartje is zodat de foto’s snel weggeschreven kunnen worden. Zeker voor het maken van RAW foto’s en timelapses is dit cruciaal.

 

Statief

Als je het noorderlicht scherp in beeld wilt krijgen heb je een stabiele ondergrond nodig. De camera mag namelijk niet bewegen. Neem dus een degelijk statief mee, gebruik een pittenzak of iets anders wat voor handen ligt. Ik had zelf geen statief bij me en mocht heel even het statief van iemand anders lenen. Daarna heb ik een houten pallet op z’n kant gelegd en heb ik mijn camera daarop gezet. Dit leverde achteraf het beste resultaat op. Het maakt dus niet uit wat je gebruikt, als de camera maar stil en stabiel staat. Een stoel, grote steen of houten bankje volstaat soms ook. Mocht er op je objectief een stabilisatie functie zitten, zet deze dan uit door het schuifje op de lens om te zetten.

 

Optioneel: een afstandsbediening

Hoe minder de camera trilt hoe beter. Met een afstandsbediening kun je een foto maken zonder de camera aan te raken. Het is ook erg handig voor als je zelf ook op de foto wilt staan. Mocht je deze niet bij je hebben dan kun je ook de zelfontspanner van de camera gebruiken en deze op 2 of 10 seconden zetten.

 

Zaklamp(en)

Voor de mooiste noorderlicht foto’s heb je vaak een zaklamp nodig om in te flitsen (daarover verderop meer). Ook voor het instellen van je camera kan het heel handig zijn. Om het noorderlicht te zien moet je je vaak op uiterst donkere plekken begegeven en dan zie je vaak geen hand voor je ogen. Met een zaklamp kun je dan even alles goed voorbereiden en klaarzetten voordat je de foto gaat maken.

 

 

Als je te lang met een zaklamp op het onderwerp schijnt, raakt het onderwerp bij een lange sluitertijd overbelicht

 

Noorderlicht fotograferen: instellingen

Alle camera gear compleet? Een goede spot met weinig lichtvervuiling gevonden? Dikke kans op het noorderlicht? Tijd om in actie te komen! Camera’s pakken over het algemeen licht veel beter op dan het menselijk oog. Een vaag zweempje noorderlicht kan met een camera vaak al goed waargenomen worden. Mocht je dus twijfelen over wat je ziet, maak dan gelijk een testfoto met behulp van onderstaande instellingen.

 

Cameramodus

Wie foto’s wilt maken van het noorderlicht heeft licht nodig. Licht wat er ‘s nachts niet is. Zeker niet op plekken waar weinig lichtvervuiling is. Je moet dus zorgen dat er toch zoveel mogelijk licht op de beeldsensor van je camera komt. Dit doe je door te sleutelen aan de diafragma, sluitertijd en ISO instellingen. Zet je camera daarom op de M-stand (manueel) of op de BULB stand.

 

Wanneer je geregeld manueel fotografeert, leer je tevens sneller je camera kennen. Tijdens mijn studie op de Fotovakschool werd ik hierop getraind door gedurende 6 maanden enkel met de M-stand te fotograferen. Je weet dan precies waar de knoppen zitten en net als met auto rijden verleer je dit niet meer zo snel.

 

Diafragma (Aperture)

Bij landschapsfotografie werk je normaliter met een klein diafragma zodat alles oneindig scherp is in de foto. ‘S nachts kan dit niet omdat je dan juist de hele diafragma open moet gooien om wat licht op te vangen. Je moet dan een groot diafragma gebruiken en dat betekent een klein f-getal. Klinkt best verwarrend hé? Om het simpel te houden moet je je camera gewoon op het laagste f-getal zetten. Met F1.4 vang je namelijk veel meer licht op dan met F8.0.

 

Met een diafragma van F1.4 tot F5.6 zit je meestal goed. Als je een object op de voorgrond hebt staan dat je ook nog goed scherp wilt hebben, kun je het bereik beter iets vergoten en de diafragma op F5.6 houden.

 

Hoe groter de diafragma, hoe kleiner het f-getal

 

Sluitertijd (Shutter speed)
Met de sluitertijd bevries je als het ware je beeld. Hoe korter de sluitertijd, hoe natuurlijker de foto er over het algemeen uitziet. ‘S nachts gaat die vlieger alleen niet op want je hebt wederom het licht hard nodig voor het maken van een goede foto. Hoe langer de sluitertijd is, hoe meer licht er op je beeldsensor komt. Ook de sluitertijd zul je dus in moeten stellen voor een goed resultaat.

 

Het noorderlicht beweegt continu dus als je een te lange sluitertijd gebruikt krijg je wazige groene banen op je foto. Afhankelijk van de intensiteit van het noorderlicht, zou een sluitertijd van 5 tot 15″ seconden redelijk optimaal moeten zijn. Heb je echter meer licht nodig en wil je meer van het noorderlicht op je foto? Dan kun je dit nog stretchen tot maximaal 25″ seconden. Houd er dan wel rekening mee dat het noorderlicht wat blurry kan worden. De verticale lijnen zie je dan minder goed.

 

Links: Lange sluitertijd (25″) | Rechts: Korte sluitertijd (8″)

 

ISO
Je diafragma en sluitertijd zijn bepalend voor het resultaat. De iso-waarde pas je daarop aan. Deze wil je het liefst zo laag mogelijk houden omdat de iso zorgt voor korreligheid in de foto, maar hij moet wel hoog genoeg zijn om te voorkomen dat de foto onderbelicht is. Sommige professionele camera’s kunnen prima omgaan met een iso van 3200, bij andere zie je bij een iso van 1600 al ruis. Je moet je camera dus goed kennen om te weten waar die grens ligt.

 

Bedenk je wel dat je een foto beter kunt overbelichten dan onderbelichten. Donkere delen zijn namelijk achteraf minder goed terug te halen. Overdrijf echter niet, wanneer de iso wil je écht zo laag mogelijk houden. Als je een beetje weet wat je doet kun je tijdens het fotograferen je histogram dus in de gaten houden om te kijken of dit goed gaat. Probeer in ieder geval binnen een iso-waarde van 200 tot 1600 te blijven. Is de foto te licht? Verlaag dan gelijk de iso. Foto te donker? Verhoog dan je iso of beter nog de sluitertijd als dat kan.

 

Focus-waarde

Het moeilijkste van fotograferen in een donkere omgeving, is misschien wel het scherpstellen. Vaak zie je namelijk helemaal niks door de lens en is er ook niks in de omgeving waar je op kunt scherpstellen. Je moet dus wel handmatig scherpstellen. Voordat je begint met handmatig scherpstellen, is het belangrijk dat je je objectief de M-stand (manual focus) zet. Dit kun je doen door het schuifje MF/AF, bovenop de lens op MF te zetten.

 

Indien er iets in de verte is wat licht geeft, kun je je camera op de live view stand zetten, om vervolgens digitaal in te zoomen op het beeld. Draai daarna aan de lens totdat het item op je scherm scherp is. Met de live view stand kun je inzoomen op je beeld zonder daadwerkelijk de zoom te gebruiken. Daardoor kun je beter zien of je goed scherp hebt gesteld dan door de zoeker.

 

Is er niks wat licht geeft in de verte? Dan kun je je objectief het beste op oneindig zetten. Dit doe je door de lens iets voor het liggende 8 tekentje te zetten. Deze vind je op de bovenzijde van je lens. Bij objectieven zonder vast brandpunt kun je de lens voorbij dit tekentje draaien, maar dit heeft geen enkele zin en maakt de boel juist weer onscherp. Controleer na het maken van de foto of deze scherp is door in te zoomen op de foto. Is het resultaat goed? Kijk dan uit dat je tussentijds niet meer aan de ring draait.

 

 

 

 

RAW of JPEG?

Foto’s kun je het beste maken in RAW formaat. Deze bestanden zijn een stuk groter maar bevatten een hoop informatie. In de nabewerking kun je met RAW foto’s nog een hoop terughalen. Je kunt dan de foto’s wat beter oplichten en de eventuele ruis wat beter onderdrukken in programma’s als photoshop of lightroom. In alle haast ben ik dit zelf vergeten en daar baal ik achteraf behoorlijk van. Het resultaat was namelijk nog beter geweest als ik de foto’s in RAW had geschoten en de ruis ietsjes naar beneden had kunnen bijstellen. Let hier dus op!

 

Witbalans

Een ander voordeel van schieten in RAW, zijn de betere mogelijkheden voor het aanpassen van de witbalans. Ook dit geeft met een fotobewerkingsprogramma namelijk betere resultaten. Tijdens het maken van de foto kun je de witbalans dan gewoon op automatisch (AWB) zetten en achteraf eventueel corrigeren.

 

Inflitsen 

Foto’s van het noorderlicht zijn prachtig, maar met een onderwerp in de voorgrond worden ze vaak nog iets interessanter. Maar hoe zorg je dat het onderwerp of de persoon voor de lens licht genoeg is? Heel simpel, flits in met een zaklamp! Het vergt wat oefening maar door heel snel met een zaklamp op de persoon te schijnen kun je bij een lange sluitertijd een mooi effect creëren.

 

Het werkt eigenlijk net als een normale flits, alleen kun je met een zaklamp heel precies bepaalde elementen in de omgeving oplichten. Ook van de zijkant, voorkant of bovenkant bijvoorbeeld. Om fletse, onflateuze foto’s te voorkomen moet je alleen uitkijken dat je het onderwerp niet te lang belicht. Afhankelijk van de sluitertijd is 1 tot 3 seconden vaak meer dan voldoende. Let er wel op dat het onderwerp op de voorgrond uiterst stil moet staan. Bij lange sluitertijden zie je namelijk iedere beweging dus als je een selfie wilt maken met de zelfontspanner moet je ijzeren glimlach hebben.

 

Schilderen met licht

Met kunstlicht kun je nog veel meer leuke dingen doen. Schilderen met licht bijvoorbeeld! Als je een lange sluitertijd gebruikt (15-30 seconden) kun je met een zaklamp figuren tekenen in de lucht. Dit moet je uiteraard wel snel doen en daarna moet je de zaklamp weer gelijk uitzetten om overbelichting te voorkomen. Leuk om mee te experimenteren in combinatie met het noorderlicht op de achtegrond!

 

noorderlicht-fotograferen

Diafragma: f4.0 / Sluitertijd: 15″ / ISO 2000 (in combinatie met een zaklamp)

 

Kun je het noorderlicht fotograferen met een compactcamera?

De foto’s in dit artikel heb ik gemaakt met een Canon 60D spiegelreflexcamera, maar veel liever had ik het gedaan met mijn full frame Canon 5D Mark II DSLR, die ik voor deze reis thuis had gelaten. In combinatie met een groothoeklens krijg je met een full frame camera net even wat meer in beeld. Toch maakt het niet heel veel uit welke camera je gebruikt. Met mijn compacte Canon G7X Mark II camera had ik waarschijnlijk ook goede resultaten behaald. Dit om maar even aan te geven dat (hoe cliché ook) je beste camera, de camera is die je bij je hebt. De instellingen zijn echter van cruciaal belang!

 

Kun je het noorderlicht fotograferen met een iphone?

Niets is onmogelijk. Als het noorderlicht heel intens te zien is kun je het in sommige gevallen redelijk fotograferen met een smartphone. Verwacht echter geen verbluffende resultaten, smartphones zijn over het algemeen niet heel lichtsterk en de camera’s geven vaak korrelige beelden als het donker is.

 

Het noorderlicht filmen, kan dat?

Door een timelapse te maken kun je het noorderlicht filmen. Althans, je plakt de foto’s dan aan elkaar om het op een video te laten lijken. Voor 1 seconde video heb je ongeveer 25 foto’s nodig. Een video bevat namelijk 25 frames per seconde. Nu je weet dat je voor noorderlicht fotografie vaak met lange sluitertijden moet werken, snap je ook dat dit een tijdrovend klusje is. Sommige moderne camera’s hebben een timelapse functie, met andere camera’s zul je het handmatig moeten doen. Gebruik in dat geval een afstandsbediening en maak de foto’s zo snel mogelijk achter elkaar. Het is een flinke klus, maar onderstaand voorbeeld laat wel zien dat het resultaat heel mooi kan zijn.

 

Checklist: Het noorderlicht fotograferen in 16 stappen

Heb je geen tijd te verliezen en wil je NU het noorderlicht fotograferen? Hieronder vind je een beknopte samenvatting van alle punten die hierboven behandeld zijn. Bookmark dus deze pagina en bewaar dit lijstje op je telefoon voor het moment dat het zover is. Dan kan een goede foto van het noorderlicht niet uitblijven!

 

1. Zoek een donkere plek op met weinig lichtvervuiling.
2. Zorg voor een stabiele ondergrond. Gebruik een statief, een pittenzak of iets anders wat voor handen ligt. Zet een eventuele stabilisatie functie (op je objectief) uit.
3. Haal alle lenzen en de lens cap (ja ook die vergeten mensen soms) van je camera.
4. Zet het schuifje op je objectief op de MF (manuele focus) stand.
5. Zet ook je camera in de M-stand (manueel).
6. Stel op de camera in dat de foto’s op RAW geschoten moeten worden.
7. Zet de witbalans op automatisch (AWB).
8. Ga voor een diafragma van F1.4 tot F5.6. Hoe groter de diafragma hoe meer licht je kunt vangen. Als je een onderwerp op de voorgrond ook goed scherp wilt krijgen kun je het bereik beter vergroten en proberen op F5.6 te schieten.
9. Stel de sluitertijd in op 5 tot 15″ seconden. Verticale lijnen in het noorderlicht zie je beter met een kortere sluitertijd.
10. De iso-waarde pas je aan op de diafragma en de sluitertijd. Deze wil je zo laag mogelijk houden om ruis te voorkomen, maar de foto mag niet onderbelicht zijn. Ga dus voor een iso-waarde van 200 tot 1600.
11. Gebruik een afstandsbediening of zet de automatische zelfontspanner op 2 of 10 seconden.
12. Stel scherp op oneindig door handmatig (met de live view) op iets in de verte scherp te stellen. Lukt dit niet? Draai dan aan de focusring en zet deze iets voor het liggende 8 tekentje op je objectief. Controleer de foto door er op in te zoomen.
13. Personen op de voorgrond kun je eventueel handmatig “inflitsen” door er heel kort een zaklamp op te schijnen.
14. Is de foto te donker? Verleng de sluitertijd, vergroot je diafragma (kleiner f-getal) en verhoog de iso.
15. Is de foto juist te licht? Gooi dan de iso omlaag. Hoe lager de iso hoe beter.
16. Veel ruis? Verlaag de iso. Indien nodig kun je de sluitertijd verlengen en de diafragma vergoten (kleiner f-getal).

 

 

 

Ook het noorderlicht fotograferen?

Boek een noorderlichtreis met Voigt Travel en ontdek in korte tijd het mooiste van Lapland. Samen met noorderlichtexperts nemen de noorderlichtjagers je mee naar de beste plekjes met vrij zicht en zij kunnen je bovendien helpen met het noorderlicht fotograferen. Liever individueel op pad? Boek dan een fly-drive en geniet van alle vrijheid.

 

0 Reacties
Deel dit artikel
Denise van Rijswijk

Denise van Rijswijk is de founder van Inhetvliegtuig.nl. Ze houdt van luxe reizen, gastronomie, avontuur en cultuur snuiven. Daarnaast spaart ze fanatiek frequent flyer miles en is ze altijd op zoek naar de leukste adresjes. Van de beste restaurants tot de meest exclusieve design- en boutique hotels.

Geen reacties

Laat een reactie achter

Lees meer


 


Shop de look!

 

Vlieg je binnenkort naar een tropisch bestemming of ga je een leuke stedentrip maken? Waar het vliegtuig ook landt, wij hebben alvast de leukste producten voor op je inpaklijstje verzameld. Stijlvolle items die niet in je koffer mogen ontbreken en altijd goed van pas komen. Met deze items op je vakantielijstje weet je zeker dat je trafel outfit helemaal af is en je zonder zorgen op reis kunt. Geniet van je reis!

 

Ga naar de shop